Einde inhoudsopgave
RvdW 2007, 106
Cassatie; ontvankelijkheid; betwisting van door eiseres tot cassatie gestelde hoedanigheden van procespartij; toepasselijk (buitenlands) recht. Hoge Raad beveelt comparitie van partijen.
HR 19-01-2007, ECLI:NL:PHR:2007:AZ3089
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
19 januari 2007
- Magistraten
Mrs. J.B. Fleers, O. de Savornin Lohman, A. Hammerstein, F.B. Bakels, W.D.H. Asser
- Zaaknummer
C06/135HR
- Conclusie
A-G Strikwerda
- LJN
AZ3089
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Burgerlijk procesrecht / Eerste aanleg
Erfrecht / Erfopvolging bij versterf
Personen- en familierecht (V)
Erfrecht / Gevolgen erfopvolging
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2007:AZ3089, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 19‑01‑2007
ECLI:NL:PHR:2007:AZ3089, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 19‑01‑2007
- Wetingang
Essentie
Cassatie; ontvankelijkheid; betwisting van door eiseres tot cassatie gestelde hoedanigheden van procespartij; toepasselijk (buitenlands) recht. Hoge Raad beveelt comparitie van partijen.
Met betrekking tot de door thans eiseres tot cassatie gestelde, doch door thans verweerder in cassatie betwiste hoedanigheden waarin zij volgens het daartoe strekkende exploot beroep in cassatie heeft ingesteld (beneficiair testamentair erfgenaam, executeur testamentair erfgenaam, en lasthebber van de zes kinderen en legitimarissen van de erflater), houdt partijen onder meer verdeeld de vraag welk (buitenlands) recht op de erfopvolging van toepassing is. De Hoge Raad beveelt, alvorens omtrent het beroep op de niet-ontvankelijkheid van het cassatieberoep ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.