RSV 1994/204
CRvB, 20-04-1994, nr. AAW1992/245
CRvB 20-04-1994, ECLI:NL:CRVB:1994:ZB2968, m.nt. M.J.P.M. de Kieviet
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
20 april 1994
- Magistraten
Plomp, Cusell, Beuker-Tilstra
- Zaaknummer
AAW1992/245
- Noot
M.J.P.M. de Kieviet
- LJN
ZB2968
- JCDI
JCDI:ADS872291:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:1994:ZB2968, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 20‑04‑1994
- Wetingang
AAW art. 5 lid 1 (tekst tot 1 aug. 1993); WAO art. 18 lid 1 (tekst tot 1 aug. 1993)
Essentie
Maatmaninkomen — resterende verdiencapaciteit — pensioen- en verzekeringspremies
Samenvatting
Alhoewel het in het algemeen noodzakelijk is bij de vergelijking tussen het maatmanloon en de resterende verdiencapaciteit uit te gaan van een aan beide zijden gelijk loonbegrip, waarvoor in de regel het brutoloon in aanmerking komt, kan het niettemin geboden zijn bij de vaststelling van het maatmanloon bijzondere tot de verdiensten van belanghebbende te rekenen bestanddelen in aanmerking te nemen.
Er kan niet aan worden ontkomen de ten behoeve van de verzekerde betaalde pensioen- en verzekeringspremies als essentiële bestanddelen van zijn verdiensten mee te nemen bij de bepaling van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.