AB 1998, 321
Ontvankelijkheid; ontbreken gronden bezwaar; bewijs verzending brief hersteltermijn
CRvB 26-05-1998, ECLI:NL:CRVB:1998:AN5715, m.nt. H.E. Bröring
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
26 mei 1998
- Magistraten
Van der Kolk-Severijns, Van Sloten, Olde Kalter
- Zaaknummer
97/1566ABW
- Noot
H.E. Bröring
- LJN
AN5715
- JCDI
JCDI:ADS870185:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Onbekend (V)
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:1998:AN5715, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 26‑05‑1998
- Wetingang
AWB art. 6:5 lid 1 aanhef onder d; AWB art. 6:6
Essentie
Ontvankelijkheid; ontbreken gronden bezwaar; bewijs verzending brief hersteltermijn.
Samenvatting
Gedaagde heeft de brief waarbij appellant in de gelegenheid is gesteld zijn verzuim van het aanvoeren van de gronden van het bezwaar te herstellen niet aangetekend of met een bericht van ontvangst verzonden. De raad is van oordeel dat het risico van een dergelijke handelwijze — namelijk het niet kunnen aantonen dat de brief daadwerkelijk is verzonden — voor rekening van de afzender komt. Dit standpunt, in de jurisprudentie van de raad meermalen neergelegd, sluit niet uit dat langs andere weg dan die van aangetekende verzending dan wel verzending met ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.