AB 2000/344
Maatregel; ‘criminal charge’; evenredigheid
CRvB 05-04-2000, ECLI:NL:CRVB:2000:ZB8752, m.nt. H.E. Bröring
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
5 april 2000
- Magistraten
Hoogeveen, Van Sloten, Schelfhout
- Zaaknummer
97/12079WW
97/12083WW
- Noot
H.E. Bröring
- LJN
ZB8752
- JCDI
JCDI:ADS660215:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2000:ZB8752, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 05‑04‑2000
- Wetingang
EVRM art. 6; AWB art. 3:4 lid 2; WW art. 24 lid 1 aanhef onder b; WW art. 27 lid 1
Essentie
Maatregel; ‘criminal charge’; evenredigheid.
Samenvatting
Naar aanleiding van de in hoger beroep herhaalde grieven van de zijde van appellant overweegt de Raad dat de rechtbank op goede gronden tot het oordeel is gekomen dat het beroep op het evenredigheidsbeginsel, neergelegd in art. 3:4 lid 2 Awb niet kan slagen. Tevens onderschrijft de Raad op dezelfde gronden als in de aangevallen uitspraak uiteengezet het oordeel van de rechtbank dat de onderhavige maatregel niet kan worden aangemerkt als ‘criminal charge’ als bedoeld in art. 6 EVRM. Ten slotte is de Raad evenals de rechtbank niet gebleken van dringende redenen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.