JAR 2001, 67
CRvB, 28-03-2001, nr. 00/1824 WW, nr. 00/1827 WW, nr. 00/1830 WW, nr. 00/2713 WW, nr. 00/2714 WW, nr. 00/2715 WW, nr. 00/2716 WW, nr. 00/1828 WW
CRvB 28-03-2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AB0761
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
28 maart 2001
- Magistraten
Mrs Hoogeveen, Van Sloten, Schelfhout
- Zaaknummer
00/1824 WW
00/1827 WW
00/1830 WW
00/2713 WW
00/2714 WW
00/2715 WW
00/2716 WW
00/1828 WW
- LJN
AB0761
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2001:AB0761, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 28‑03‑2001
- Wetingang
BW art. 7:672; OW Flexibiliteit en Zekerheid art. ⅩⅩⅠ; WW art. 16:3
Samenvatting
Geldt voor oudere werknemers de langere opzegtermijn uit het overgangsrecht bij de wet Flexibiliteit en Zekerheid als uitgangspunt: Dient de aanzegtermijn bij de vaststelling van de lengte van de fictieve opzegtermijn te worden betrokken? De arbeidsovereenkomsten van de betrokkenen, allen ouder dan 45 jaar, zijn bij beschikking van de kantonrechter wegens reorganisatie ontbonden onder toekenning van substantiele vergoedingen. Betrokkenen hebben vervolgens een uitkering ingevolge de WW aangevraagd bij het Lisv. Partijen verschillen van mening over de vraag of het overgangsrecht van de Wet Flexibiliteit en Zekerheid van toepassing is. Voorts verschillen partijen van mening over de vraag of bij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.