AB 2003, 17
Bestuurlijke boete; opeenvolgende schending inlichtingenplicht; geen voortgezette handeling maar meerdere, in beginsel afzonderlijk te sanctioneren overtredingen; ‘doorlopende gedraging’-beleid; beperkte verwijtbaarheid.
CRvB 16-05-2001, ECLI:NL:CRVB:2001:AN7162, m.nt. H.E. Bröring
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
16 mei 2001
- Magistraten
Hoogeveen, Van Sloten, Schelfhout
- Zaaknummer
99/6378WW
- Noot
H.E. Bröring
- LJN
AN7162
- JCDI
JCDI:ADS60716:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2001:AN7162, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 16‑05‑2001
- Wetingang
IVBP art. 15 lid 1 derde volzin; WW art. 25; Boetebesl. sociale zekerheidswetten art. 2; Boetebesl. sociale zekerheidswetten art. 3
Essentie
Bestuurlijke boete; opeenvolgende schending inlichtingenplicht; geen voortgezette handeling maar meerdere, in beginsel afzonderlijk te sanctioneren overtredingen; ‘doorlopende gedraging’-beleid; beperkte verwijtbaarheid.
Samenvatting
De rechtbank is van oordeel dat het meermalen achtereen geven van onjuiste informatie in het kader van het verstrekken van inlichtingen aan een uitvoeringsorgaan gezien moet worden als een voortgezette handeling. De rechtbank heeft hierbij aansluiting gezocht bij art. 56 lid 2 Sr, op grond waarvan in geval van een voortgezette handeling bij schuldigverklaring slechts één strafbepaling wordt toegepast. Het beleid van appellant, het bestuursorgaan, om ter zake van het achtereenvolgens verstrekken van onjuiste inlichtingen als ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.