RSV 2003, 80
CRvB, 11-12-2002, nr. 01/6266WW
CRvB 11-12-2002, ECLI:NL:CRVB:2002:AL1560
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
11 december 2002
- Magistraten
Hoogeveen, Schelfhout, Van der Meer
- Zaaknummer
01/6266WW
- LJN
AL1560
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2002:AL1560, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 11‑12‑2002
- Wetingang
WW art. 16 lid 3; Wet Flexibiliteit en Zekerheid art. XXI; BW art. 7:672 lid 5
Essentie
Rechtens geldende termijn van art. 16, lid 3, WW — in CAO-regeling opgenomen met zelfde gevolg als art. XXI Flexwet — reikwijdte art. 7:672 lid 5 BW
Samenvatting
Onder de in art. 16, lid 3, WW bedoelde fictieve opzegtermijn wordt verstaan de termijn die de werkgever of de werknemer op grond van — onder meer — art. 7:672 BW in acht moeten nemen. In RSV 2001/122 heeft de Raad aangegeven dat het UWV bij de vaststelling van de lengte van die fictieve opzegtermijn het overgangsrecht van art. XXI Wet Flexibiliteit en Zekerheid buiten beschouwing moet laten. Als echter — als in casu ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.