AB 2004, 132
Waar zijn wij nou helemaal mee bezig?
CRvB 03-02-2004, ECLI:NL:CRVB:2004:AO4835, m.nt. H.E. Broring
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
3 februari 2004
- Magistraten
Mr. Rottier
- Zaaknummer
02/4107WW
- Noot
H.E. Broring
- LJN
AO4835
- JCDI
JCDI:ADS864715:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen (V)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2004:AO4835, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 03‑02‑2004
- Wetingang
Awb art. 6:5 lid 1 aanhef en onder a; Awb art. 6:6
Essentie
Waar zijn wij nou helemaal mee bezig?
Samenvatting
Anders dan de rechtbank komt de Raad tot het oordeel dat gedaagde in de summiere onderbouwing van het bezwaarschrift geen reden heeft hoeven zien om appellant niet-ontvankelijk te verklaren.
Partij(en)
Appellant, te X, appellant,
tegen
De Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, gedaagde.
Uitspraak
I. Ontstaan en loop van het geding
Met ingang van 1 januari 2002 is de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen in werking getreden. Ingevolge de Invoeringswet Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen treedt in dit geding de Raad van bestuur ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.