AB 2005, 241
Overschrijding redelijke termijn; beslissing op bezwaar na een jaar en zeven maanden; appellant niet tegen te werpen dat hij geen maatregelen heeft genomen tot snellere beslissing; geen vergoeding immateriële schade gezien appellants voordeel bij de vertraagde besluitvorming en het kleine financiële belang.
CRvB 11-03-2005, ECLI:NL:CRVB:2005:AT1576, m.nt. A.M.L. Jansen
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
11 maart 2005
- Magistraten
Mrs. Van Leeuwen, De Vries, Simon
- Zaaknummer
02/5750WAO
- Noot
A.M.L. Jansen
- LJN
AT1576
- JCDI
JCDI:ADS864711:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Fiscaal procesrecht / Procesorde
Bestuursrecht algemeen (V)
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2005:AT1576, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 11‑03‑2005
- Wetingang
Essentie
Overschrijding redelijke termijn; beslissing op bezwaar na een jaar en zeven maanden; appellant niet tegen te werpen dat hij geen maatregelen heeft genomen tot snellere beslissing; geen vergoeding immateriële schade gezien appellants voordeel bij de vertraagde besluitvorming en het kleine financiële belang.
Samenvatting
Procedure heeft vier jaar en negen maanden geduurd. Daardoor is de in art. 6 EVRM bedoelde redelijke termijn overschreden, waarbij in aanmerking is genomen dat deze zaak niet als complex is aan te merken en in de opstelling van appellant geen rechtvaardiging is aangetroffen voor de lange duur. De Raad is van oordeel ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.