AB 2006, 179
Hoge kosten medische contra-expertise: onaanvaardbare drempel i.v.m. art. 6 EVRM? Ex tunc-toetsing.
CRvB 18-10-2005, ECLI:NL:CRVB:2005:AU5076, m.nt. B.W.N. de Waard (adviseurs opleiding en beroep)
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
18 oktober 2005
- Magistraten
Mrs. Van der Ham, Van Viegen, Van Osch-Leysma
- Zaaknummer
04/4736NABW
- Noot
B.W.N. de Waard
- LJN
AU5076
- Roepnaam
adviseurs opleiding en beroep
- JCDI
JCDI:ADS660213:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2005:AU5076, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 18‑10‑2005
- Wetingang
EVRM art. 6; Abw art. 107 lid 1; Abw art. 113 lid 1
Essentie
Hoge kosten medische contra-expertise: onaanvaardbare drempel i.v.m. art. 6 EVRM? Ex tunc-toetsing.
Samenvatting
Appellante heeft aangevoerd dat zij vanwege haar persoonlijke omstandigheden, waaronder financiële, niet in staat is zich op eigen kosten te laten onderzoeken door een onafhankelijke medisch specialist, waardoor zij geen eerlijke kans heeft gekregen in deze procedure, hetgeen volgens haar schending van art. 6 EVRM oplevert. Deze grief treft geen doel. In een procedure als hier aan de orde kan de betrokkene zijn eigen mening over zijn medische beperkingen in de eerste plaats (trachten te) onderbouwen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.