V-N 2019/49.16
Arrest SIA Altic: Nalaten controle op identiteit leverancier kan duiden op BTW-fraude
HvJ EU 03-10-2019, ECLI:EU:C:2019:831, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
3 oktober 2019
- Magistraten
Prechal, Biltgen, Malenovský, Fernlund, Rossi
- Zaaknummer
C-329/18
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS89418:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Europees belastingrecht / Belastingen EU
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2019:831, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 03‑10‑2019
- Wetingang
art. 168 Richtlijn 2006/112/EG
Essentie
Het Hof van Justitie EU oordeelt dat het feit dat Altic niet heeft gecontroleerd wie haar leveranciers zijn, onvoldoende is om de BTW-vooraftrek te weigeren. Het nalaten van een dergelijke controle kan echter wel wijzen op betrokkenheid bij btw-fraude.
Samenvatting
SIA Altic koopt koolzaad bij SIA Sakorex en SIA Ulmar. Het koolzaad wordt afgeleverd en opgeslagen in een silo van SIA Vendo. Altic brengt de BTW die haar in rekening is gebracht, in aftrek. De Letse Belastingdienst is van mening dat Altic de BTW ten onrechte in aftrek heeft gebracht, omdat Sakorex en Ulmar fictieve ondernemingen zijn en ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.