JAR 2000, 117
Rb. Utrecht, 12-04-2000, nr. 101397/HAZA99-1010
Rb. Utrecht 12-04-2000, ECLI:NL:RBUTR:2000:ZL0981
- Instantie
Rechtbank Utrecht
- Datum
12 april 2000
- Magistraten
Mrs Van Schendel, Spliet, Van der Bel
- Zaaknummer
101397/HAZA99-1010
- LJN
ZL0981
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Verbintenissenrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBUTR:2000:ZL0981, Uitspraak, Rechtbank Utrecht, 12‑04‑2000
- Wetingang
BW art. 7:653
Samenvatting
Een werknemer heeft achtereenvolgens een arbeidsovereenkomst met twee zustervennootschappen en met de moedervennootschap. Bij deze laatste werkgever neemt de werknemer op staande voet ontslag en begint voor zichzelf. Als de exwerkgevers zich beroepen op het concurrentiebeding, vordert de werknemer een verklaring voor recht dat hij niet gebonden is aan de concurrentiebedingen die zijn overeengekomen met de zustervennootschappen alsmede een schadevergoeding. De kantonrechter wijst de verklaring voor recht toe, doch niet de schadevergoeding. De werknemer gaat in hoger beroep evenals de zustervennootschappen. De rechtbank stelt voorop dat de drie werkgevers drie afzonderlijke rechtspersonen zijn. Niet is gebleken dat zij met ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.