RF 2008, 32
Ontheffing effectentypische gedragsregels. Is de afwijzing van een onder de Wte 1995 ingediend ontheffingsverzoek van effectentypische gedragsregels terecht met toepassing van de Wft instand gelaten? (Atos Origin/AFM)
Rb. Rotterdam 29-11-2007, ECLI:NL:RBROT:2007:BB9339
- Instantie
Rechtbank Rotterdam
- Datum
29 november 2007
- Magistraten
Mrs. E.F.C. Francken, L.A.C. van Nifterick, J.A.F. Peters
- Zaaknummer
BC06/5142-FRC
- LJN
BB9339
- JCDI
JCDI:ADS871025:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Onbekend (V)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Fiscaal procesrecht / Beroepsfase
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Fiscaal bestuursrecht / Bezwaarfase
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBROT:2007:BB9339, Uitspraak, Rechtbank Rotterdam, 29‑11‑2007
- Wetingang
Awb art. 3:4 lid 2; Awb art. 6:20; WTE art.18b; Wft art. 5:68
Samenvatting
Stichting Pensioenfonds Atos Origin (‘Atos’) is een ondernemingspensioenfonds waarvan de beleggingstransacties in effecten meer dan € 20 mln bedragen. Gelet hierop heeft de AFM aan Atos kenbaar gemaakt dat zij valt onder de reikwijdte van art. 18a Wte 1995 en derhalve dient te voldoen aan bepaalde effectentypische gedragsregels.
Atos heeft vervolgens verzocht om een ontheffing van deze verplichtingen. De AFM wijst dit verzoek af. De AFM verdaagt op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.