NJFS 2016/12
Inzet (burger)pseudodienstverlener; heling/witwassen van schilderijen.
Hof Den Haag 09-11-2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:3113
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
9 november 2015
- Magistraten
Mrs. W.P.C.M. Bruinsma, L.F. Gerretsen-Visser, I.P.A. van Engelen
- Zaaknummer
22-005170-12
0-600029-09
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2015:3113, Uitspraak, Hof Den Haag, 09‑11‑2015
- Wetingang
Art. 126h, 126i, 126j, 126ij, 359a Sv; art. 416, 420bis Sr; art. 6 EVRM
Essentie
Bijzondere opsporingsbevoegdheden. Heling. Witwassen. Vervolg op Rechtbank Rotterdam 25 oktober 2012, NJFS 2012/258.
1. Het ontbreken in het dossier van de stukken waaruit toestemming van het College van Procureurs-generaal en een toetsing door de Centrale Toetsingscommissie (CTC) blijkt voor de ingezette burgerpseudodienstverlening niet dat die inzet reeds om die reden onrechtmatig is geweest. Het is aan de rechter zelf om te beoordelen of de inzet van opsporingsmiddelen zorgvuldig is geweest en hij hoeft niet de zorgvuldigheid van de interne besluitvorming bij het OM te beoordelen.
2. De overeenkomst tot burgerpseudodienstverlening was van kracht vanaf het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.