NJ 1966, 86
Rb. Amsterdam, 14-12-1965
Rb. Amsterdam 14-12-1965, ECLI:NL:RBAMS:1965:AB4825
- Instantie
Rechtbank Amsterdam
- Datum
14 december 1965
- Magistraten
Stheeman
- Zaaknummer
[1965-12-14/NJ_50544]
- LJN
AB4825
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:1965:AB4825, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam, 14‑12‑1965
- Wetingang
Aw art. 1; Aw art. 11; Adv.w art. 46; Adv.w art. 47; Adv.w art. 48; Adv.w art. 49; Adv.w art. 50; Adv.w art. 51; Adv.w art. 52; Adv.w art. 53; Adv.w art. 54; Adv.w art. 55; Adv.w art. 56; Adv.w art. 57; Adv.w art. 58; Adv.w art. 59; Adv.w art. 60; Rv (oud) art. 289; Rv (oud) art. 290; Rv (oud) art. 291; Rv (oud) art. 292; Rv (oud) art. 293; Rv (oud) art. 294; Rv (oud) art. 295; Rv (oud) art. 296; Rv (oud) art. 297
Essentie
Auteursrecht op conclusies en pleitnota's.
Samenvatting
Op al dan niet tot de eigenlijke gedingstukken behorende geschriften waaraan voor de betreffende rechterlijke uitspraak bouwstof is ontleend, heeft de advocaat auteursrecht voorzover deze niet in die uitspraak zijn verwerkt; in casu werd de zaak bovendien in raadkamer behandeld en beslist.
De enkele omstandigheid dat ged. de stukken in New York wil publiceren, doet hem niet aan de werking van de Auteurswet ontsnappen.
Eiser kan rechtens niet beletten dat ged. zijn optreden als advocaat als onbehoorlijk kritiseert voor of zonder dat ged. zich heeft verzekerd van een overeenstemmend oordeel van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.