NJ 1994, 311
Executiebevoegdheid na cessie/overgangsrecht
Rb. 's-Hertogenbosch 20-07-1993, ECLI:NL:RBSHE:1993:AD1919
- Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Datum
20 juli 1993
- Magistraten
André de la Porte
- Zaaknummer
[1993-07-20/NJ_66816]
- LJN
AD1919
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vermogensrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBSHE:1993:AD1919, Uitspraak, Rechtbank 's-Hertogenbosch, 20‑07‑1993
- Wetingang
BW art. 668 (oud); Overgangswet NBW art. 186
Essentie
Executiebevoegdheid na cessie. Overgangsrecht.
Samenvatting
Na cessie van een vordering gaat — naar hier toepasselijk oud recht — de bevoegdheid tot executie van het vonnis, waarbij die vordering is vastgesteld, als nevenrecht mee over op de cessionaris. Art. 186 Overgangswet doet hieraan niet af.
Partij(en)
J. Vroegh, te Steensel, eiser, proc. mr. P.F. Belt,
tegen
J.C.M. van Baar, te Eindhoven, gedaagde, proc. mr. F.W.H. Weelen.
Uitspraak
4.5
In de memorie van toelichting met betrekking tot art. 6:142 BW is ook nog eens op deze materie ingegaan:
‘De reeds vermelde opneming onder de nevenrechten van de bevoegdheid ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.