NJ 1985, 187
HvJ EG, 31-01-1984, nr. 286/82, nr. 26/83
HvJ EG 31-01-1984, ECLI:EU:C:1984:35
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
31 januari 1984
- Magistraten
Mertens de Wilmars, Koopmans, Bahlmann, Galmot, Pescatore, Mackenzie, Stuart, Bosco, Everling, Kakouris, Mancini
- Zaaknummer
286/82
26/83
- LJN
AC8298
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:1984:35, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 31‑01‑1984
- Wetingang
EG-Verdrag art. 106
Essentie
Het is toegestaan vrij deviezen uit te voeren voor toerisme, zakenreizen, studie en medische behandeling.
Samenvatting
Art. 106 EEG-Verdrag moet aldus worden uitgelegd dat
transfers van deviezen voor toeristische doeleinden, zakenreizen, studie en medische behandeling betalingen zijn en geen kapitaalverkeer, ook wanneer zij plaatsvinden door materiele uitvoer van bankbiljetten;
de beperkingen op die betalingen sedert het einde van de overgangsperiode zijn opgeheven;
de lidstaten de bevoegdheid behouden om te controleren of deviezentransfers die beweerdelijk voor geliberaliseerde betalingen zijn bestemd, in werkelijkheid niet voor niet toegestaan kapitaalverkeer worden gebruikt;
deze controles niet ertoe mogen leiden, dat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.