NJ 1989, 360
HvJ EG, 06-07-1988, nr. 158/87
HvJ EG 06-07-1988, ECLI:EU:C:1988:370, m.nt. J.C. Schultsz
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
6 juli 1988
- Magistraten
Due, Koopmans, Bahlmann, Kakouris, O’ Higgins, Mancini
- Zaaknummer
158/87
- Noot
J.C. Schultsz
- LJN
AB9470
- JCDI
JCDI:ADS158698:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Internationaal privaatrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:1988:370, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 06‑07‑1988
- Wetingang
EEX-Verdrag art. 16
Essentie
EEG-Executieverdrag. Pachtovereenkomst betreffende onroerend goed in twee verschillende Staten. Bevoegde rechter.
Samenvatting
Art. 16 aanhef en sub 1 Verdrag van 27 sept. 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken moet aldus worden uitgelegd, dat in een geschil omtrent het al dan niet bestaan van een pachtovereenkomst met betrekking tot een onroerend goed, gelegen in twee verdragsluitende Staten, de gerechten van iedere verdragsluitende Staat bij uitsluiting bevoegd zijn ten aanzien van de op het grondgebied van hun Staat gelegen onroerende goederen.
Partij(en)
Scherrens,
tegen
Maenhout.
Voorgaande uitspraak
Arrest
1
Bij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.