NJ 1990, 698
HvJ EG, 15-02-1989, nr. 32/88
HvJ EG 15-02-1989, ECLI:EU:C:1989:68, m.nt. J.C. Schultsz
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
15 februari 1989
- Magistraten
Koopmans, O’ Higgins, Mancini, Schockweiler, Diez De Velasco, Tesauro
- Zaaknummer
32/88
- Noot
J.C. Schultsz
- LJN
AC4028
- JCDI
JCDI:ADS144338:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Arbeidsrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:1989:68, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 15‑02‑1989
- Wetingang
EEX-Verdrag art. 5
Essentie
EEG-Executieverdrag (EEX). Bevoegde rechter bij arbeid in verschillende landen buiten EEX-territoir.
Samenvatting
Art. 5 sub 1 moet aldus worden uitgelegd, dat de bij arbeidsovereenkomsten in aanmerking te nemen verbintenis die verbintenis is waardoor dergelijke overeenkomsten worden gekarakteriseerd, in het bijzonder de verbintenis om de overeengekomen werkzaamheden te verrichten.
Wanneer in het kader van een arbeidsovereenkomst de verbintenis van de werknemer om de overeengekomen werkzaamheden te verrichten, buiten het grondgebied van de verdragsluitende Staten is en moet worden uitgevoerd, kan art. 5 sub 1 geen toepassing vinden; de bevoegdheid van de rechter wordt in dat geval overeenkomstig ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.