Einde inhoudsopgave
RvdW 1992, 21
HvJ EG, 04-10-1991, nr. C-183/90
HvJ EG 04-10-1991, ECLI:NL:XX:1991:AC4166
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
4 oktober 1991
- Magistraten
Mancini, O’ Higgins, Kakouris, Schockweiler, Kapteyn
- Zaaknummer
C-183/90
- LJN
AC4166
- Vakgebied(en)
EU-recht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:XX:1991:AC4166, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 04‑10‑1991
- Wetingang
Essentie
EEG-Executieverdrag (EEX). Verzet tegen verlof tenuitvoerlegging. Uitleg art. 37 en 38. Vervolg van HR 1 juni 1990, NJ 1992, 583.
Samenvatting
Art. 37 tweede alinea Verdrag van 27 sept. 1968 betreffende de rechterlijke bevoegdheid en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken moet aldus worden uitgelegd, dat een krachtens art. 38 EEX gegeven beslissing waarbij het gerecht dat over het verzet tegen het verlof tot tenuitvoerlegging van een in een andere verdragsluitende staat gegeven rechterlijke beslissing oordeelt, heeft geweigerd zijn uitspraak aan te houden en zekerheidstelling heeft gelast door de partij die ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.