NJ 2002, 477
Niet-nakoming. Niet-toetreding, binnen gestelde termijn, tot Berner Conventie voor de bescherming van werken van letterkunde en kunst (Akte van Parijs van 24 juli 1971). Niet-nakoming van verplichtingen die voortvloeien uit artikel 228, lid 7, EG-Verdrag (thans, na wijziging, artikel 300, lid 7, EG), juncto artikel 5, van Protocol 28 bij EER-Overeenkomst.
HvJ EG 19-03-2002, ECLI:EU:C:2002:184
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
19 maart 2002
- Magistraten
G.C. Rodríguez Iglesias, P. Jann, F. Macken, N. Colneric, S. von Bahr, C. Gulmann, D.A.O. Edward, J.-P. Puissochet, M. Wathelet, R. Schintgen, V. Skouris, J.N. Cunha Rodrigues, C.W.A. Timmermans
- Zaaknummer
C-13/00
- Conclusie
A.-G. J. Mischo
- LJN
AF0539
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
EU-recht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2002:184, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 19‑03‑2002
- Wetingang
EG-Verdrag (oud) art. 228 lid 7; EG-Verdrag art. 300 lid 7; EER-Verdrag Protocol 28 art. 5
Essentie
Niet-nakoming. Niet-toetreding, binnen gestelde termijn, tot Berner Conventie voor de bescherming van werken van letterkunde en kunst (Akte van Parijs van 24 juli 1971). Niet-nakoming van verplichtingen die voortvloeien uit artikel 228, lid 7, EG-Verdrag (thans, na wijziging, artikel 300, lid 7, EG), juncto artikel 5, van Protocol 28 bij EER-Overeenkomst.
Samenvatting
De conclusies van het verzoek tot tussenkomst van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland worden afgewezen. Door niet vóór 1 januari 1995 tot de Berner Conventie voor de bescherming van de werken van letterkunde en kunst (Akte van Parijs ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.