NJ 2005, 65
Art. 1 EEX-Verdrag. Materieel toepassingsgebied. Begrip ‘burgerlijke en handelszaken’. Begrip ‘douanezaken’. Vordering gebaseerd op borgtochtovereenkomst tussen staat en verzekeringsmaatschappij. Overeenkomst gesloten ter vervulling van voorwaarde die de staat krachtens art. 6 TIR-overeenkomst stelt aan vervoerdersorganisaties als hoofdschuldenaars.
HvJ EG 15-05-2003, ECLI:EU:C:2003:282, m.nt. P. Vlas
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
15 mei 2003
- Zaaknummer
C-266/01
- Noot
P. Vlas
- LJN
AO7210
- JCDI
JCDI:ADS115776:1
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2003:282, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 15‑05‑2003
- Wetingang
EEX-Verdrag art. 1
Essentie
Art. 1 EEX-Verdrag. Materieel toepassingsgebied. Begrip ‘burgerlijke en handelszaken’. Begrip ‘douanezaken’. Vordering gebaseerd op borgtochtovereenkomst tussen staat en verzekeringsmaatschappij. Overeenkomst gesloten ter vervulling van voorwaarde die de staat krachtens art. 6 TIR-overeenkomst stelt aan vervoerdersorganisaties als hoofdschuldenaars.
Samenvatting
Art. 1, eerste alinea, EEX-Verdrag moet aldus worden uitgelegd dat:
—
onder het begrip burgerlijke en handelszaken in de zin van de eerste volzin van deze bepaling, een vordering valt waarbij een verdragsluitende staat van een privaatrechtelijk persoon de nakoming vordert van een privaatrechtelijke borgtochtovereenkomst die is gesloten teneinde een andere persoon in de gelegenheid te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.