NJ 2004, 582
Niet-nakoming. Met gemeenschapsrecht strijdige uitlegging van nationale wet door rechtspraak en administratieve praktijk. Voorwaarden voor terugvordering van onverschuldigd betaalde bedragen.
HvJ EG 09-12-2003, ECLI:EU:C:2003:656, m.nt. M.R. Mok
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
- Datum
9 december 2003
- Magistraten
Mrs. V. Skouris, P. Jann, C.W.A. Timmermans, C. Gulman, J.N. Cunha Rodrigues, A. Rosas, D.A.O. Edward, A. La Pergola, J.-P. Puissochet, R. Schintgen, F. Macken, N. Colneric, S. von Bahr
- Zaaknummer
C-129/00
- Conclusie
A-G L.A. Geelhoed
- Noot
M.R. Mok
- LJN
AO4408
- JCDI
JCDI:ADS64419:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
EU-recht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2003:656, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen, 09‑12‑2003
- Wetingang
art. 10
Essentie
Niet-nakoming. Met gemeenschapsrecht strijdige uitlegging van nationale wet door rechtspraak en administratieve praktijk. Voorwaarden voor terugvordering van onverschuldigd betaalde bedragen.
Samenvatting
Door artikel 29, lid 2, van wet nr. 428/1990, getiteld Disposizioni per l'adempimento di obblighi derivanti dall'appartenenza dell'Italia alle Comunità europee (legge comunitaria per il 1990) [bepalingen voor de uitvoering van de verplichtingen die voor Italië uit zijn lidmaatschap van de Europese Gemeenschappen voortvloeien (communautaire wet voor 1990)], dat door de administratie en een belangrijk deel van de rechterlijke instanties, waaronder de Corte suprema di cassazione, aldus wordt uitgelegd en toegepast dat de uitoefening van het recht op ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.