AB 2013/261
Belanghebbende. Belanghebbende moet bedenkingen kunnen uiten tegen provinciale ontheffing voor vaststelling bestemmingsplan.
RvS 13-03-2013, ECLI:NL:RVS:2013:BZ4020, m.nt. C.H. Norde
- Instantie
Raad van State
- Datum
13 maart 2013
- Magistraten
Mrs. W.D.M. van Diepenbeek, M.A.A. Mondt-Schouten, R. Uylenbrug
- Zaaknummer
201204241/1/R4
201204428/1/R4
- Noot
C.H. Norde
- LJN
BZ4020
- JCDI
JCDI:ADS914761:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Bestuursprocesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2013:BZ4020, Uitspraak, Raad van State, 13‑03‑2013
- Wetingang
Art. 1:2 lid 3, 3:11 Awb
Essentie
Belanghebbendenbegrip bij rechtspersonen. Belanghebbende moet bedenkingen kunnen uiten tegen het gebruik maken van een provinciale ontheffing bij het vaststellen van een bestemmingsplan.
Samenvatting
1. Het louter in rechte opkomen tegen besluiten, alsmede het verrichten van handelingen ter voorbereiding van het in rechte opkomen tegen besluiten, kan in de regel niet worden aangemerkt als feitelijke werkzaamheden in de zin van artikel 1:2, derde lid, van de Awb. Veder kan uit de doelstelling van de stichting niet worden afgeleid dat zij opkomt voor de belangen van omwonenden van het plangebied. De stichting kan derhalve niet worden aangemerkt als belanghebbende ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.