NJ 1982, 76
HR, 11-03-1981, nr. 20376
HR 11-03-1981, ECLI:NL:HR:1981:AC1886, m.nt. W.M. Kleijn
- Instantie
Hoge Raad (Belastingkamer)
- Datum
11 maart 1981
- Magistraten
Van Dijk, Reynders, Van Der Vorm, Stoffer, Bloembergen
- Zaaknummer
20376
- Noot
W.M. Kleijn
- LJN
AC1886
- JCDI
JCDI:ADS64837:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Goederenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1981:AC1886, Uitspraak, Hoge Raad (Belastingkamer), 11‑03‑1981
- Wetingang
BW art. 758; BW art. 759; BW art. 760; BW art. 761; BW art. 762; BW art. 763; BW art. 764; BW art. 765; BW art. 766
Essentie
Opstalrecht.
Samenvatting
Het Hof oordeelde, dat het niet mogelijk is langs de weg van vestiging van een opstalrecht het volledig genot en het recht van vruchttrekking te verschaffen van de grond waarop het recht betrekking heeft, zeker niet voor zover die grond niet met opstallen is bezet. Dat oordeel is niet juist.
De bevoegdheid de zaak waarop het recht rust te gebruiken en daarvan de vruchten te trekken vloeit naar de aard van het opstalrecht weliswaar daaruit slechts voort indien en voor zover dat nodig is voor het volle genot van dat recht, maar bij de akte van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.