Einde inhoudsopgave
RvdW 1989, 167
HR, 07-06-1989, nr. 25429
HR 07-06-1989, ECLI:NL:HR:1989:ZC4051
- Instantie
Hoge Raad (Belastingkamer)
- Datum
7 juni 1989
- Magistraten
Van Dijk, Van Vucht, Stoffer, Mijnssen, Wildeboer
- Zaaknummer
25429
- LJN
ZC4051
- Vakgebied(en)
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Schenk- en erfbelasting / Erfbelasting
Personen- en familierecht / Relatievermogensrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1989:ZC4051, Uitspraak, Hoge Raad (Belastingkamer), 07‑06‑1989
- Wetingang
SW art. 32 lid 2; BW art. 1:94 lid 3
Essentie
Successierecht. Vrijstelling ingevolge art. 32 lid 2 Successiewet en weduwenpensioen, in verband met HR 27 nov. 1981, NJ 1982, 503 (m.nt. WHH en EAAL).
Samenvatting
Nu het huwelijk van belanghebbende door het overlijden van haar echtgenoot is geeindigd, heeft zij het ingegane pensioenrecht door dat overlijden als een eigen recht verkregen en niet slechts de helft van de waarde van het pensioenrecht.
Uitspraak
Arrest gewezen op het beroep in cassatie van X te Z tegen de — op 17 juli 1987 in afschrift aan partijen verzonden — uitspraak van het Hof te Amsterdam ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.