NJB 2017/230:Het pgb van betrokkene is ten onrechte beëindigd op de grond dat van haar uitwonende dochter mocht worden verwacht dat zij als mantelzorger haar moeder zou helpen bij het huishouden. Het college mag van de dochter niet eisen dat zij de huishoudelijke hulp onbetaald verricht. Ook mag het college bij de vaststelling van het recht op een voorziening er niet vanuit gaan dat de dochter de zorg onbetaald zal willen leveren