Mededinging en verzekering
Einde inhoudsopgave
Mededinging en verzekering (R&P nr. VR8) 2019/2.4.5.1:2.4.5.1 Artikel 106 van het Werkingsverdrag
Mededinging en verzekering (R&P nr. VR8) 2019/2.4.5.1
2.4.5.1 Artikel 106 van het Werkingsverdrag
Documentgegevens:
mr. drs. G.T. Baak, datum 11-12-2019
- Datum
11-12-2019
- Auteur
mr. drs. G.T. Baak
- JCDI
JCDI:ADS183417:1
- Vakgebied(en)
Mededingingsrecht / Algemeen
Verzekeringsrecht / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie uitgebreid over deze wettelijke uitzondering, Vedder & Appeldoorn 2019, p. 301 e.v.
Dit was het geval in het Elektriciteits-arrest waarin de Nederlandse Staat de import van elektriciteit wettelijk verbood behalve voor een vereniging van samenwerkende elektriciteitsproducten (SEP). Zie HvJ EG 23 oktober 1997, C-157/94, Jur. 1994, p. I-5699, ro. 32 (Elektriciteit).
Slot & Swaak 2012, p. 229.
HvJ EG 23 oktober 1997, C-157/94, Jur. 1994, p. I-5699, ro. 32 en 34-72 (Elektriciteit).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Een eerste uitzondering op het verbod op misbruik van een machtspositie wordt vermeld in artikel 106 lid 2 van het Werkingsverdrag. De uitzondering ziet op de situatie dat een onderneming van overheidswege belast is met de uitvoering van bijzondere taken in het algemeen economisch belang.1 Onverkorte toepassing van de mededingingsregels kan in dat geval botsen met de goede uitvoering van een publieke taak. Zo kan de overheid aan een onderneming die is belast met het beheer van diensten van algemeen economisch belang, zoals elektriciteit, exclusieve rechten toekennen die strijdig zijn met de mededingingsregels maar die noodzakelijk zijn voor een behoorlijke taakvervulling.2 Om aan de uitzondering van artikel 106 lid 2 van het Werkingsverdrag te voldoen, is wel vereist dat aan de onderneming door wetgeving of een andere overheidshandeling de publieke taak daadwerkelijk is toebedeeld.3 Ook moet de onderneming die op de rechtvaardigingsgrond een beroep wil doen, aantonen dat de betreffende taak niet kan worden vervuld onder normale marktcondities en dat de handel tussen de lidstaten niet onevenredig wordt benadeeld wanneer de uitzondering wordt toegekend.4