NJ 1979, 35
Rb. Groningen, 10-10-1978
Rb. Groningen 10-10-1978, ECLI:NL:RBGRO:1978:AC1620
- Instantie
Rechtbank Groningen
- Datum
10 oktober 1978
- Magistraten
Overdiep
- Zaaknummer
[1978-10-10/NJ_57400]
- LJN
AC1620
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Verbintenissenrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBGRO:1978:AC1620, Uitspraak, Rechtbank Groningen, 10‑10‑1978
- Wetingang
Rv (oud) art. 158; Rv (oud) art. 289; Rv (oud) art. 290; Rv (oud) art. 291; Rv (oud) art. 292; Rv (oud) art. 293; Rv (oud) art. 294; Rv (oud) art. 295; Rv (oud) art. 296; Rv (oud) art. 297; BW art. 1401; BW art. 1954
Essentie
II. Afsluiting havenmond Delfzijl. Bevoegdheid Pres. in k.g.
Samenvatting
Pres. in k.g. alsnog bevoegd nadat de Voorzitter Afd. rechtspraak RvS eiseressen in hun vordering tot schorsing (na onbevoegdverklaring in k.g., zie voorgaand vonnis) niet-ontvankelijk had verklaard.
I.c. sprake van berusting in voorgaand vonnis; van ‘ne bis in idem’ kan geen sprake zijn, omdat vorenbedoelde niet-ontvankelijkverklaring een nieuwe omstandigheid oplevert.
Het aanhangig zijn van het bodemgeschil bij een andere rechter (i.c. de Afd. rechtspraak RvS) levert voor een k.g. geen exceptio litis pendentis op.
Op ontbreken van noodzakelijke vergunningen bij gedaagde kan door eiseressen thans geen beroep ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.