M en R 2023/9
Wanneer is een nieuwe beoordeling bij voortzetting van een reeds vergunde activiteit vereist?
HvJ EU 10-11-2022, ECLI:EU:C:2022:864, m.nt. M.M. Kaajan (AquaPri)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
10 november 2022
- Magistraten
Prechal, Arastey Sahún, Biltgen, Wahl, Passer
- Zaaknummer
C-278/21
- Noot
M.M. Kaajan
- Roepnaam
AquaPri
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS684262:1
- Vakgebied(en)
Milieurecht / Algemeen
Milieurecht / Inrichtingen en activiteiten - vergunningen
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2022:864, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 10‑11‑2022
- Wetingang
(Art. 6 lid 3 Habitatrichtlijn)
Essentie
Wanneer is een nieuwe beoordeling bij voortzetting van een reeds vergunde activiteit vereist?
Samenvatting
Gelet op een en ander dient op de eerste prejudiciële vraag te worden geantwoord dat artikel 6, lid 3, eerste volzin, van richtlijn 92/43 aldus moet worden uitgelegd dat de voortzetting, onder ongewijzigde voorwaarden, van de exploitatie van een installatie die reeds in de projectfase is vergund, in beginsel niet hoeft te worden onderworpen aan de in die bepaling neergelegde beoordelingsverplichting. Echter, ingeval de aan de afgifte van de vergunning in kwestie voorafgaande beoordeling enkel betrekking had op de gevolgen van het project ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.