Mandeligheid
Einde inhoudsopgave
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/21.7.1:21.7.1 Omschrijving muur
Mandeligheid (Publicaties vanwege het Centrum voor Notarieel Recht) 2007/21.7.1
21.7.1 Omschrijving muur
Documentgegevens:
mr. J.G. Gräler, datum 01-10-2006
- Datum
01-10-2006
- Auteur
mr. J.G. Gräler
- JCDI
JCDI:ADS489706:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Burenrecht en mandeligheid
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De muur waarover het Belgisch Burgerlijk Wetboek spreekt is een metselwerk gevormd door op elkaar geplaatste materialen die onderling verbonden zijn door cement, pleister of kalkmortel. Declercq, ingenieur-architect, merkt als typevoorbeeld van een dergelijke muur aan, een muur die is opgetrokken uit metselwerk, en gefundeerd op doorlopende zolen in niet gewapende steenslagbeton of metselwerk. Declercq merkt over deze muur nog op:
‘De belastingen worden op deze muur overgebracht door houten roosteringen of vloerplaten in (al dan niet) geprefabriceerde betonelementen. Ten slotte is de hoogte van een dergelijke gemene muur beperkt en de hoogteverschillen tussen de aanpalende woningen blijven over het algemeen gering.’
Voor laagbouw is dit de gangbare muur.1
Een houten schutting of omheining, een metalen afrastering of een afscheiding bestaande uit op elkaar gestapelde losse stenen worden niet als muur aangemerkt.2