NJ 2023/234
Procesrecht. Komt aan een raadkamerbeschikking over strafvorderlijk in beslag genomen geld in een civiele procedure gezag van gewijsde toe?
Rb. Den Haag 17-08-2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:8097
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
17 augustus 2022
- Magistraten
Mr. M.J. van Cleef-Metsaars
- Zaaknummer
C/09/610481 / HA ZA 21-361
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS707269:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Strafprocesrecht / Voorfase
Goederenrecht / Eigendom, bezit en houderschap
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2022:8097, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 17‑08‑2022
- Wetingang
Essentie
Procesrecht. Komt aan een raadkamerbeschikking over strafvorderlijk in beslag genomen geld in een civiele procedure gezag van gewijsde toe?
Samenvatting
In het kader van een strafrechtelijk onderzoek is in een woning een bedrag ter grootte van € 28.800 in contant geld aangetroffen. Het geld is op grond van art. 94 Sv in beslag genomen. Eiseres heeft een klaagschrift op de voet van art. 552a Sv ingediend en verzocht om opheffing van het strafvorderlijk beslag en tot teruggave van het geldbedrag aan haar. De rechtbank (sector strafrecht) heeft (in de raadkamerprocedure) het klaagschrift ongegrond verklaard. In ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.