RI 2015/35
Pandrecht. Kan uitoefening bevoegdheid curator tot opeising en verkoop verpande zaken onder omstandigheden misbruik van bevoegdheid opleveren wegens onevenredigheid van de betrokken belangen? (Welage qq/Rabobank)
HR 06-02-2015, ECLI:NL:HR:2015:228
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
6 februari 2015
- Magistraten
Mrs. E.J. Numann, C.A. Streefkerk, C.E. Drion, G. Snijders, M.V. Polak
- Zaaknummer
13/05266
- Conclusie
wnd. A-G mr. A. Hammerstein
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS920241:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Algemeen
Insolventierecht / Faillissement
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2015:228, Uitspraak, Hoge Raad, 06‑02‑2015
ECLI:NL:PHR:2014:2116, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 14‑11‑2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 10‑01‑2014
Beroepschrift, Hoge Raad, 09‑10‑2013
- Wetingang
Essentie
Pandrecht. Misbruik van bevoegdheid. Curator.
Kan uitoefening bevoegdheid curator tot opeising en verkoop verpande zaken onder omstandigheden misbruik van bevoegdheid opleveren wegens onevenredigheid van de betrokken belangen?
Samenvatting
Rabobank is met Van Valderen Eurotrade B.V. (hierna: Van Valderen) een financieringsovereenkomst aangegaan in verband waarmee Rabobank een pandrecht verkreeg op de voorraad van Van Valderen. Op 27 juli 2010 is Van Valderen in staat van faillissement verklaard. Op 28 juli 2010 informeert Rabobank de curator over haar pandrecht. Op 4 augustus 2010 stelt de curator Rabobank een termijn van vier weken om tot uitoefening van haar rechten over te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.