Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/370
Rijden terwijl verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat rijbewijs ongeldig was verklaard, art. 9 lid 2 WVW 1994. Bewijsklacht. Kan uit omstandigheden dat (i) besluit tot ongeldigverklaring van rijbewijs op 3 januari 2013 per aangetekende brief is verzonden naar GBA-adres van verdachte; (ii) rijbewijs van verdachte op 6 mei 2013 is ingeleverd bij CBR en nadien niet is teruggegeven; (iii) verdachte in periode tussen ongeldigverklaring en pleegdatum (17 april 2019) in 2 zaken onherroepelijk is veroordeeld voor 3 overtredingen van art. 9 lid 2 WVW 1994; (iv) in die periode de in deze zaken opgelegde taakstraffen ten uitvoer zijn gelegd; en (v) in brief van CBR van 14 juni 2018 aan verdachte staat dat CBR de verdachte (na onderzoek van zijn medische situatie) geschikt heeft verklaard om motorrijtuigen van categorie B te besturen en dat hij binnen jaar een nieuw rijbewijs kan aanvragen, worden afgeleid dat verdachte ‘wist of redelijkerwijs moest weten’ dat zijn rijbewijs op 17 april 2019 ongeldig was verklaard? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 19-03-2024, ECLI:NL:HR:2024:410
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
19 maart 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, T. Kooijmans, F. Posthumus
- Zaaknummer
22/01059
- Conclusie
A-G mr. D.J.M.W. Paridaens
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:410, Uitspraak, Hoge Raad, 19‑03‑2024
Essentie
Rijden terwijl verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat rijbewijs ongeldig was verklaard, art. 9 lid 2 WVW 1994. Bewijsklacht. Kan uit omstandigheden dat (i) besluit tot ongeldigverklaring van rijbewijs op 3 januari 2013 per aangetekende brief is verzonden naar GBA-adres van verdachte; (ii) rijbewijs van verdachte op 6 mei 2013 is ingeleverd bij CBR en nadien niet is teruggegeven; (iii) verdachte in periode tussen ongeldigverklaring en pleegdatum (17 april 2019) in 2 zaken onherroepelijk is veroordeeld voor 3 overtredingen van art. 9 lid 2 WVW 1994; (iv) in die periode de in deze zaken ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.