AB 2019/87
Handhavingsverzoek. Verwijderen beveiligingscamera’s. Privacy. Belanghebbende. Geen bijzonder individueel belang. Art. 8 EVRM noodzaakt niet tot aanname belanghebbendheid.
RvS 21-02-2018, ECLI:NL:RVS:2018:590, m.nt. T. Barkhuysen en M.L. van Emmerik
- Instantie
Raad van State
- Datum
21 februari 2018
- Magistraten
Mrs. H.G. Lubberdink, B.P. Vermeulen, J.Th. Drop
- Zaaknummer
201604088/1/A3
- Noot
T. Barkhuysen en M.L. van Emmerik
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS14392:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Privacy / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2018:590, Uitspraak, Raad van State, 21‑02‑2018
- Wetingang
Art. 8 EVRM; art. 1:2 lid 1, art. 1:3 lid 3 Awb
Essentie
Handhavingsverzoek. Verwijderen beveiligingscamera’s. Privacy. Belanghebbende. Geen bijzonder individueel belang. Art. 8 EVRM noodzaakt niet tot aanname belanghebbendheid.
Samenvatting
Op het industrieterrein De Munt te Emmeloord zijn beveiligingscamera’s op gemeentegrond langs de openbare weg geplaatst. Appellante heeft met haar voertuig langs de beveiligingscamera’s gereden, hetgeen die camera’s hebben opgenomen. Als gevolg van die opnames voelt appellante zich in haar privacy aangetast. Om die reden heeft zij een verzoek om handhaving ingediend strekkende tot verwijdering van de camera’s wegens overtreding van de privacywetgeving.
Een verzoek om handhaving is slechts een aanvraag in de zin van art. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.