V-N 2014/38.21
SW-bedrijfsopvolgingsfaciliteit ook volgens EHRM geen disproportionele maatregel
EHRM 27-05-2014, ECLI:CE:ECHR:2014:0527DEC001848514, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws (Berkvens/Nederland)
- Instantie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
- Datum
27 mei 2014
- Magistraten
Gyulumyan, Šikuta, Popović, Pardalos, Silvis, Griţco, Motoc
- Zaaknummer
18485/14
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Roepnaam
Berkvens/Nederland
- JCDI
JCDI:ADS918589:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Schenk- en erfbelasting / Algemeen
Europees belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:CE:ECHR:2014:0527DEC001848514, Uitspraak, Europees Hof voor de Rechten van de Mens, 27‑05‑2014
- Wetingang
Essentie
Het EHRM oordeelt dat de SW-bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet in strijd is met art. 14 EVRM. Er is volgens het EHRM geen sprake van een disproportionele maatregel.
Samenvatting
De Hoge Raad oordeelt op 23 november 2013 in vijf zaken (onder andere nr. 13/01154, V-N 2013/59.21) dat de SW-bedrijfsopvolgingsfaciliteit niet discriminerend is. Belanghebbenden hadden in die procedures aangevoerd dat er sprake is van discriminatie omdat bij het verkrijgen van ondernemingsvermogen een vrijstelling geldt, die niet van toepassing is als de nalatenschap geen ondernemingsvermogen bevat. Moeder en zoon Berkvens zijn het niet eens met dit oordeel van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.