Gst. 2018/156
Afstemming van bijstand op grondslag van artikel 18 lid 1 Participatiewet wegens ontbreken van recht op alleenstaande ouderkop in geval van samenwonen met een niet-rechthebbende partner. ALO-kop in casu niet aangemerkt als voorliggende voorziening. (Den Haag)
CRvB 06-06-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:1600, m.nt. Zie de noot onder de hierna opgenomen uitspraak van CRvB 6 juni 2018, 2018/157
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
6 juni 2018
- Magistraten
Mrs. O.L.H.W.I. Korte, W.F. Claessens en A.M. Overbeeke
- Zaaknummer
17/301 PW
- Noot
Zie de noot onder de hierna opgenomen uitspraak van CRvB 6 juni 2018, Gst. 2018/157
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS36325:1
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid bijstand / Algemene bijstand
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2018:1600, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 06‑06‑2018
- Wetingang
Essentie
Afstemming van bijstand op grondslag van artikel 18 lid 1 Participatiewet wegens ontbreken van recht op alleenstaande ouderkop in geval van samenwonen met een niet-rechthebbende partner. ALO-kop in casu niet aangemerkt als voorliggende voorziening. (Den Haag)
Samenvatting
Uit artikel 2, zesde lid, van de Wet kindgebonden budget en de geschiedenis van de totstandkoming van deze bepaling, zoals weergegeven onder 4.6.3, volgt dat uitsluitend de ouder die geen partner heeft in de zin van artikel 3 van de Awir aanspraak kan maken op de ALO-kop. Hiermee heeft de wetgever tot uitdrukking gebracht dat geen noodzaak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.