Omzetting als rechtsvormwijziging
Einde inhoudsopgave
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/5.4.3.1:5.4.3.1 Algemeen
Omzetting als rechtsvormwijziging (IVOR nr. 70) 2010/5.4.3.1
5.4.3.1 Algemeen
Documentgegevens:
Mr. B. Snijder-Kuipers, datum 20-01-2010
- Datum
20-01-2010
- Auteur
Mr. B. Snijder-Kuipers
- JCDI
JCDI:ADS496581:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Belangrijk is onderscheid te maken tussen bevoordeling ten behoeve van een rechtspersoon tijdens leven1 of door middel van een voorziening in een notariële akte, waaronder begrepen de uiterste wilsbeschikking en de zogenaamde schenkingen of giften bij dode2. In het laatste geval geldt een nog strengere eis wat betreft de bestemming van het na te laten vermogen aangezien wijziging na overlijden niet meer mogelijk is. Dat heeft consequenties voor wat betreft de manier waarop testamenten moeten worden uitgelegd.3 De erflater heeft er recht op dat uitvoering wordt gegeven aan wat hij heeft beschikt.
De inhoud van het testament wordt bepaald door de situatie en de verwachtingen ten aanzien van de toekomst op dat moment, dat wil zeggen het moment van overlijden. Onduidelijk is of die termijn kort of lang zal zijn en onduidelijk is hoe de situatie op het moment van overlijden is. Het maakt daarbij uiteraard verschil op welk moment en in welke situatie men oordelen moet. Van een notaris die moet adviseren en redigeren wordt een andere aanpak verwacht dan van een rechter die later moet gaan interpreteren. Op het moment van interpretatie speelt het probleem dat degene wiens wil moet worden uitgelegd, zelf niet meer kan aangeven wat zijn bedoelingen waren.
Rechtsvormwijziging is een gebeurtenis waar op het moment van het opstellen van een testament in de regel geen rekening mee gehouden zal zijn. Het opstellen en interpreteren van een making ten behoeve van een rechtspersoon die van rechtsvorm is gewijzigd na het opstellen van de making maar vóór openvallen van de nalatenschap is en blijft een lastig punt.
Voorbeeld
De heer Vries, een 'goed katholiek', heeft in zijn testament een legaat opgenomen ten behoeve van de Stichting ter bevordering van katholiek onderwijs in Nederland. Deze stichting wordt van rechtsvorm gewijzigd in een vereniging die ten doel heeft het interconfessioneel onderwijs in Nederland te promoten. De heer Vries overlijdt. Hoe moet met dit legaat nu worden omgegaan? Twee mogelijkheden zijn denkbaar. Het legaal komt toe aan de vereniging of het legaat vervalt.
Wat is rechtens? Deze problematiek staat centraal in dit onderdeel. Een testateur heeft in zijn testament een making gedaan ten behoeve van een rechtspersoon. De rechtsvorm van deze rechtspersoon is gewijzigd na het opmaken van het testament en voor het openvallen van de nalatenschap.
De beantwoording van de vraag rust op twee peilers wat rechtens is indien de bevoordeelde rechtspersoon van rechtsvorm wordt gewijzigd tussen het moment van opmaken van de making en het overlijden van de testateur. Dat is allereerst de bestaanseis4 en vervolgens uitleg5.