Prg. 1983, 1991
Ktr. Rotterdam, 31-05-1983
Ktr. Rotterdam 31-05-1983, ECLI:NL:KTGROT:1983:AI7184
- Instantie
Kantonrechter Rotterdam
- Datum
31 mei 1983
- Magistraten
Andringa-Blok
- Zaaknummer
[1983-05-31/PRG_32539]
- LJN
AI7184
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:KTGROT:1983:AI7184, Uitspraak, Kantonrechter Rotterdam, 31‑05‑1983
- Wetingang
BW art. 1303; BW art. 1638d; BW art. 1638q; BW art. 1639n
Samenvatting
Het maakt, gezien de ‘ijzeren proeftijd-theorie’ theoretisch geen verschil of men de proeftijd uitbreidt met een periode voor de aanvang van de oorspronkelijk afgesproken aanvangsdatum van de proeftijd of met een periode na het verloop van twee maanden.
Het ontslag gegeven op 30 september 1980, juist een dag na het verstrijken van de twee maanden welke (na vervroeging van de proeftijd met een dag) als proeftijd hebben gegolden is nietig. Matiging van de loonvordering en de wettelijke verhoging. Geen ontbondenverklaring van de arbeidsovereenkomst wegens wanprestatie van de werknemer aangezien de hem verweten gedragingen niet als wanprestatie moeten worden ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.