TRA 2010, 6
Annotatie bij Ktr. Amsterdam 7 oktober 2009, nr. CV09-14842, LJN BJ9678, JAR 2009/261 en (onder meer) Ktr. Utrecht 9 oktober 2009, nr. 640849 UC EXPL 09–11267, LJN BK0199, JAR 2009/264
Ktr. Amsterdam 07-10-2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ9678, m.nt. J.N. Stamhuis
- Instantie
Rechtbank Amsterdam (Kantonrechter)
- Datum
7 oktober 2009
- Zaaknummer
CV 09-14842
- Noot
J.N. Stamhuis
- LJN
BJ9678
- JCDI
JCDI:ADS252891:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2009:BJ9678, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam (Kantonrechter), 07‑10‑2009
- Wetingang
BW art. 7:611; BW art. 7:613; BW art. 6:248; BW art. 6:258
Essentie
Vertrekregeling ABN-managers gewaarborgd of niet? Twee tegenovergestelde oordelen
Samenvatting
Inleiding
Recentelijk hebben de Amsterdamse en Utrechtse kantonrechters elkaar in op hoofdlijnen vergelijkbare casus tegengesproken over de vraag of toegezegde afvloeiingsregelingen van vertrekkende ABN AMRO-managers mogen worden ingeperkt. Deze zaken verdienen — zeker gezien het huidige economische klimaat en het voortdurende maatschappelijke debat over de hoogte van ontslagvergoedingen (en bonussen) van topfunctionarissen — een nadere bespreking.
Feiten en oordeel kantonrechter Amsterdam
De werknemer is voormalig lid Raad van Bestuur ABN AMRO en is bij de bank vertrokken in juni 2009. De werknemer stelt, kort samengevat, dat ABN AMRO voor ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.