AB 2000, 280
Vervallen deel vergunning zodat aan melding ingevolge art. 8.19 geen betekenis toekomt; onjuiste bepaling ammoniakdepositierecht
RvS 18-05-1999, ECLI:NL:RVS:1999:AL2790, m.nt. J.M. Verschuuren
- Instantie
Raad van State
- Datum
18 mei 1999
- Magistraten
Leyten-de Wijkerslooth, Hammerstein-Schoonderwoerd, Loeb
- Zaaknummer
E03970900
- Noot
J.M. Verschuuren
- LJN
AL2790
- JCDI
JCDI:ADS867822:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Milieurecht / Inrichtingen en activiteiten - vergunningen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:1999:AL2790, Uitspraak, Raad van State, 18‑05‑1999
- Wetingang
Essentie
Vervallen deel vergunning zodat aan melding ingevolge art. 8.19 geen betekenis toekomt; onjuiste bepaling ammoniakdepositierecht.
Samenvatting
Revisievergunning veehouderij. Eén van de vergunde stallen is niet gerealiseerd, zodat deze ingevolge art. 27 Hinderwet, thans art. 8.18 Wm, is komen te vervallen. Daardoor kon aan de melding ingevolge art. 8.19 Wm op grond waarvan in de wel vergunde stal meer dieren werden gehouden geen betekenis toekomen, en is bij de berekening van de ammoniakdepositie ten onrechte uitgegaan van te veel dieren.
Partij(en)
De vereniging ‘Vereniging Milieudefensie’ te Amsterdam appellante,
tegen
B&W van Eibergen, verweerders.
Uitspraak
1. Procesverloop
Bij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.