AB 2003, 65
Weigering beleidsuitspraak als concrete beleidsbeslissing in streekplan op te nemen niet appellabel; als concrete beleidsbeslissing aangeduide beleidsuitspraak niet te vaag noch onvoldoende duidelijk.
ABRvS 11-12-2002, ECLI:NL:RVS:2002:AF1736, m.nt. A.A.J. de Gier
- Instantie
Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State
- Datum
11 december 2002
- Magistraten
Bartel, Schaafsma, Van Buuren
- Zaaknummer
200100097/1
- Noot
A.A.J. de Gier
- LJN
AF1736
- JCDI
JCDI:ADS866576:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Algemeen
Onbekend (V)
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2002:AF1736, Uitspraak, Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, 11‑12‑2002
- Wetingang
WRO art. 1; WRO art. 4a lid 1; WRO art. 54 lid 2 aanhef onder a; BRO 1985 art. 7 lid 3; AWB art. 6:2 aanhef onder a
Essentie
Weigering beleidsuitspraak als concrete beleidsbeslissing in streekplan op te nemen niet appellabel; als concrete beleidsbeslissing aangeduide beleidsuitspraak niet te vaag noch onvoldoende duidelijk.
Samenvatting
Indien een beroep ertoe strekt dat een beleidsuitspraak van het bestuursorgaan dat een streekplan kan vaststellen als een concrete beleidsbeslissing in een streekplan had moeten worden opgenomen, moet dit beroep worden opgevat als een beroep tegen een weigering om een concrete beleidsbeslissing te nemen. De Afdeling overweegt daaromtrent dat uit de ontstaansgeschiedenis van art. 1 WRO blijkt dat de wetgever de bevoegdheid om te beslissen welke beleidsuitspraken als een concrete beleidsbeslissing moeten worden ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.