Gst. 2005, 42
RvS, 28-04-2004, nr. 200305082/1
RvS 28-04-2004, ECLI:NL:RVS:2004:AO8505, m.nt. A.G.A. Nijmeijer
- Instantie
Raad van State
- Datum
28 april 2004
- Magistraten
mrs. M. Vlasblom, C.H.M. van Altena en mr. R. van der Spoel
- Zaaknummer
200305082/1
- Noot
A.G.A. Nijmeijer
- LJN
AO8505
- JCDI
JCDI:ADS883045:1
- Vakgebied(en)
Bouwrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2004:AO8505, Uitspraak, Raad van State, 28‑04‑2004
- Wetingang
Woningwet art. 59 lid 1; WRO art. 10
Essentie
Intrekking bouwvergunning. Aanvrager had ongevraagd gegevens moeten verstrekken omtrent voorgenomen gebruik. (Boekel)
Samenvatting
Zoals de Afdeling reeds heeft geoordeeld in haar uitspraak van 30 juli 1996, zaak nr. R03.93.2850 en R03.93.2886 (Gst. 1998, 7076, 8), dient onder een onjuiste of onvolledige opgave van gegevens in het kader van een aanvraag om bouwvergunning mede te worden verstaan het verzwijgen van het doel, ten behoeve waarvan de bouw zal plaatsvinden, indien gezien dit doel de voorgenomen bouw in strijd zou zijn met het bestemmingsplan. Het ontbreken van een vraag omtrent het voorgenomen gebruik doet hieraan niet af. Indien naast ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.