AB 2004, 349
Ambtenaar en persoonlijke levenssfeer.
RvS 14-07-2004, ECLI:NL:RVS:2004:AQ1360, m.nt. P.J. Stolk
- Instantie
Raad van State
- Datum
14 juli 2004
- Magistraten
Mrs. Parkins-de Vin, Polak, Bijloos
- Zaaknummer
200400090/1
- Noot
P.J. Stolk
- LJN
AQ1360
- JCDI
JCDI:ADS867222:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2004:AQ1360, Uitspraak, Raad van State, 14‑07‑2004
- Wetingang
WOB art. 10 lid 2 aanhef en onder e
Essentie
Ambtenaar en persoonlijke levenssfeer.
Samenvatting
Met betrekking tot ambtenaren kan waar het hun beroepshalve functioneren betreft, slechts in beperkte mate een beroep worden gedaan op het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer. De datum waarop een werknemer bij een bepaald dienstonderdeel is gaan werken, vormt, behoudens bijzondere omstandigheden, een aspect van het beroepshalve functioneren. De enkele omstandigheid dat deze datum is opgenomen in het personeelsdossier van de desbetreffende medewerker maakt dit niet anders, nu het gevraagde gegeven kan worden verstrekt zonder documenten uit dit dossier openbaar te maken. Privacy is niet in het geding. Motiveringsvereiste.