AB 2004, 416
Schending hoorplicht in bezwaar kan niet met toepassing van art. 6:22 worden gepasseerd.
RvS 18-08-2004, ECLI:NL:RVS:2004:AQ6988, m.nt. N. Verheij (Pluvezo)
- Instantie
Raad van State
- Datum
18 augustus 2004
- Magistraten
Mrs. Lubberdink, Van Ettekoven, Van Diepenbeek
- Zaaknummer
200308642/1
- Noot
N. Verheij
- LJN
AQ6988
- Roepnaam
Pluvezo
- JCDI
JCDI:ADS867221:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Bestuursrecht algemeen (V)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2004:AQ6988, Uitspraak, Raad van State, 18‑08‑2004
- Wetingang
Awb art. 6:22; Awb art. 7:2; Regeling beëindiging veehouderijtakken art. 2 lid 1 onder a
Essentie
Schending hoorplicht in bezwaar kan niet met toepassing van art. 6:22 worden gepasseerd.
Samenvatting
Niet in geschil is dat de minister appellante ten onrechte niet heeft gehoord voordat hij op het bezwaar heeft beslist. Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen, kan in geval van een schending van de hoorplicht, de vernietiging niet met toepassing van art. 6:22 Awb achterwege worden gelaten.
Partij(en)
De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid ‘Pluvezo BV’, te Oirlo, appellante, tegen de uitspraak van de Rb. Roermond van 10 november 2003 in het geding tussen:
appellante
en
de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.