AB 2004, 389
Permanente bewoning van recreatiewoning; bewijsproblematiek.
RvS 06-10-2004, ECLI:NL:RVS:2004:AR3356, m.nt. A.G.A. Nijmeijer (Recreatiewoning Ermelo)
- Instantie
Raad van State
- Datum
6 oktober 2004
- Magistraten
Mrs. van Dijk, Loeb, Slump
- Zaaknummer
200401923/1
- Noot
A.G.A. Nijmeijer
- LJN
AR3356
- Roepnaam
Recreatiewoning Ermelo
- JCDI
JCDI:ADS867243:1
- Vakgebied(en)
Bestuursrecht algemeen / Handhaving algemeen
Ruimtelijk bestuursrecht / Procedure bestemmingsplan
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2004:AR3356, Uitspraak, Raad van State, 06‑10‑2004
- Wetingang
Essentie
Permanente bewoning van recreatiewoning; bewijsproblematiek.
Samenvatting
Appellant klaagt dat de rechtbank ten onrechte heeft overwogen dat hij niet voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat wederpartij ten tijde van de beslissing op bezwaar zijn hoofdverblijf in de recreatiewoning had.
De Afdeling overweegt dienaangaande dat het op de weg van het college lag om de voor het vermoeden, dat sprake is van overtreding van de planvoorschriften, vereiste feiten vast te stellen. Het was vervolgens aan wederpartij om dit vermoeden, indien daartoe aanleiding bestond, te ontkrachten. Bij het ontbreken daarvan dient de rechter in beginsel van de juistheid van de feiten, zoals ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.