AB 2004, 440
Ligging plangebied ten opzichte van SBZ kan niet worden vastgesteld; andere inrichting plangebied mogelijk dan in milieueffectrapportage onderzocht; onvoldoende duidelijkheid of uitwerking significante gevolgen heeft. [Gem. Amsterdam]
RvS 24-11-2004, ECLI:NL:RVS:2004:AR6309, m.nt. J. Struiksma
- Instantie
Raad van State
- Datum
24 november 2004
- Magistraten
Mrs. Cleton, Hennekens, Wiebenga
- Zaaknummer
200304566/1
- Noot
J. Struiksma
- LJN
AR6309
- JCDI
JCDI:ADS867058:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht / Procedure bestemmingsplan
Ruimtelijk bestuursrecht / Ruimtelijke ordening
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2004:AR6309, Uitspraak, Raad van State, 24‑11‑2004
- Wetingang
WRO art. 10; Vogelrichtlijn art. 4 lid 1; Vogelrichtlijn art. 4 lid 2; Habitatrichtlijn art. 6 lid 2; Habitatrichtlijn art. 6 lid 3; Habitatrichtlijn art. 6 lid 4
Essentie
Ligging plangebied ten opzichte van SBZ kan niet worden vastgesteld; andere inrichting plangebied mogelijk dan in milieueffectrapportage onderzocht; onvoldoende duidelijkheid of uitwerking significante gevolgen heeft. [Gem. Amsterdam]
Samenvatting
Het plan betreft de zogenoemde tweede fase van de stadswijk IJburg en voorziet onder meer in de bouw van ongeveer 9500 woningen op kunstmatige eilanden in het IJmeer. Daartoe zijn aan het plangebied de bestemming ‘Water’ en de uit te werken bestemming ‘Uit te werken stedelijk gebied (US)’ toegekend.
Vast staat dat het plangebied in ieder geval voor het merendeel wordt omsloten door een gebied dat bij besluit van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.