AB 2006, 49
Het in eerste aanleg bestreden besluit was genomen in strijd met art. 3:9 Awb. Rechtbank hoefde geen getuigen te horen of zelf medische expertise in te winnen.
RvS 05-10-2005, ECLI:NL:RVS:2005:AU3786, m.nt. B.W.N. de Waard
- Instantie
Raad van State
- Datum
5 oktober 2005
- Zaaknummer
200501974/1
- Noot
B.W.N. de Waard
- LJN
AU3786
- JCDI
JCDI:ADS867435:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen / Algemene beginselen van behoorlijk bestuur
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Voorbereiding
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2005:AU3786, Uitspraak, Raad van State, 05‑10‑2005
- Wetingang
Essentie
Het in eerste aanleg bestreden besluit was genomen in strijd met art. 3:9 Awb. Rechtbank hoefde geen getuigen te horen of zelf medische expertise in te winnen.
Samenvatting
Ook indien de rechtbank met toepassing van art. 8:47 Awb zelf een medische expertise had ingewonnen, was op voorhand verre van zeker dat die zodanig stellig uitsluitsel zou bieden, dat voldaan zou zijn aan de voorwaarde waaronder zij met toepassing van art. 8:72 lid 4 Awb zelf in de zaak kon voorzien, te weten dat ter zake van de in dit geval gelet op de betrokken belangen te bepalen geschiktheidstermijn ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.