AB 2006, 208
Intrekking BPM-subsidies; noch de bevoegdheid tot het intrekken van subsidiebesluiten, noch de bevoegdheid tot het vorderen van rente over onverschuldigd betaalde subsidiebedragen vloeit voort uit het gemeenschapsrecht inzake staatssteun; geen uitzonderlijke omstandigheden die het ingeroepen vertrouwen in de rechtmatigheid van de steun wettigen.
RvS 11-01-2006, ECLI:NL:RVS:2006:AU9416, m.nt. W. den Ouden (BPM-subsidies)
- Instantie
Raad van State
- Datum
11 januari 2006
- Zaaknummer
200410578/1
- Noot
W. den Ouden
- LJN
AU9416
- Roepnaam
BPM-subsidies
- JCDI
JCDI:ADS867465:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2006:AU9416, Uitspraak, Raad van State, 11‑01‑2006
- Wetingang
Essentie
Intrekking BPM-subsidies; noch de bevoegdheid tot het intrekken van subsidiebesluiten, noch de bevoegdheid tot het vorderen van rente over onverschuldigd betaalde subsidiebedragen vloeit voort uit het gemeenschapsrecht inzake staatssteun; geen uitzonderlijke omstandigheden die het ingeroepen vertrouwen in de rechtmatigheid van de steun wettigen.
Samenvatting
In de onderhavige procedure heeft de beschikking van de Commissie als uitgangspunt te gelden. Niet in geschil is derhalve dat sprake is van ongeoorloofde staatssteun en dat de Staat verplicht is tot terugvordering. Volgens de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen vindt terugvordering van onwettige steun plaats op de wijze ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.