M en R 2006, 46
Vervallen milieuvergunning; vrijstelling bestemmingsplan terecht geweigerd omdat ernstig moet worden betwijfeld of (nieuwe) milieuvergunning zal worden verleend
RvS 25-01-2006, ECLI:NL:RVS:2006:AV0260, m.nt. A.G.A. Nijmeijer
- Instantie
Raad van State
- Datum
25 januari 2006
- Magistraten
Van den Brink, Van Ettekoven, Horstink-von Meyenfeldt
- Zaaknummer
200500950/1
- Noot
A.G.A. Nijmeijer
- LJN
AV0260
- JCDI
JCDI:ADS699678:1
- Vakgebied(en)
Milieurecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2006:AV0260, Uitspraak, Raad van State, 25‑01‑2006
- Wetingang
WRO art. 19 lid 3; BRO art. 20 lid 1 sub c; WMb art. 8.1; WMb art. 8.18
Essentie
De in artikel 8.18 van de Wet milieubeheer genoemde drie jarentermijn vangt aan bij het onherroepelijk worden van de vergunning en niet bij de inwerkingtreding van de vergunning. Uit de stukken blijkt dat de vergunning van 28 oktober 1998, bekend gemaakt en ter inzage gelegd op 30 oktober 1998 door het ongebruikt verstrijken van de beroepstermijn op 12 december 1998 onherroepelijk is geworden, zodat evenbedoelde drie jarentermijn op 12 december 2001 was verstreken. Hetgeen appellante heeft aangevoerd kan niet leiden tot het buiten toepassing laten van voormelde wettelijke bepalingen, nog daargelaten dat appellante eerst op 15 juli ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.